De Goddelijke Deugd van de Liefde

Jan Leechburch Auwers

door Paus Johannes Paulus II – 13 oktober 1999

Het aloude gebod van de liefde tot God

In het oude Israël was het hoofdgebod van de liefde tot God in de woorden van het dagelijks gebed opgenomen: ‘Jahweh is onze God, en Jahweh alleen! Bemin Jahweh, uw God, met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht. Deze woorden, die Ik u heden gebied, moeten in uw hart geschreven staan. Prent ze uw kinderen in; herhaal ze, wanneer ge in uw huis zijt gezeten, als ge wandelt op straat en wanneer ge gaat slapen of opstaat’ (Deut.6,4-7).

De grondslag van deze eis – God totaal lief te hebben – is de liefde, waarmee God zelf de mensen bemint. Hij verwacht een werkelijk liefdesantwoord van het volk, dat Hij met een voorkeurliefde bemint. Hij is een naijverige God (vgl. Ex.20,5), die de afgodendienst niet kan verdragen, waartoe…

View original post 907 woorden meer

Het leven van de gestigmatiseerde Dorothea (‘Dora‘) Visser

Kerkplaats

Drieëndertig jaar droeg zij de wondetekenen van Christus in haar lichaam. Een zaligverklaringsproces van Dorothea Visser (1819 – 1876) is in gang gezet. 

dora-visser-en-haar-kamertje Foto met op de achtergrond: het kamertje van Dora Visser

Dorothea Visser werd geboren in 1819 in Gendringen, even ten zuiden van Doetinchem in de Achterhoek. Het meisje was, mede door invloed van haar grootmoeder, diepgelovig. Op haar achtste levensjaar vastte ze al eens in de veertig dagen.

Als het uit een zeer arm gezin afkomstige meisje twaalf jaar is, gaat ze als hulp in dienst bij een boer. Ze wordt getrapt door een koe en houdt daar een beenwond aan over die later ongeneeslijk blijkt te zijn. Met de gezondheid van het meisje gaat het langzaam maar zeker steeds slechter. De wond in haar been wordt regelmatig uitgebrand, een zeer pijnlijke behandeling. De wonde veroorzaakt verlammingen in het onderlichaam van het meisje. Ondanks of juist dankzij haar lichamelijke problemen zoekt…

View original post 361 woorden meer

‘Gij zult mijn getuigen zijn’ – Over het martelaarschap in deze tijd

Jan Leechburch Auwers

Moeder Maria spreekt duidelijk over het martelaarschap in de Kerk; zij aarzelt geen moment ons dit mysterie glashelder voor ogen te houden, zowel in haar boodschappen van Fatima, als in haar ruimere uitleg aan Don Gobbi. Prof. dr. P. Gumpel, S.J., heeft een lezing gehouden op het congres dat 9 mei 2000 te Rome gehouden werd door Kerk in Nood/Oostpriesterhulp onder het motto: ‘Het martelaarschap op de drempel van het komend millennium’. Prof. Gumpel, voormalig hoogleraar aan de pauselijke Gregoriana-universiteit te Rome, was sinds 1972 verbonden aan de Congregatie voor de Zalig- en Heiligverklaringen te Rome, als ‘relator’ (onderzoeksrechter) van deze congregatie. Wij vertaalden en bewerkten de samenvatting van de lezing van prof. Gumpel uit Der Fels (9-2000).

 

Drie grondprincipes van het martelaarschap

Wat moeten we theologisch verstaan onder het ‘martelaarschap’? In het dagelijks spraakgebruik wordt deze term dikwijls in zeer ruime zin gebruikt. Als bijv. in een bedrijf…

View original post 3.543 woorden meer

Dit hoogste geheim

– Stille Karmeliet

Het zou eigenlijk een Kerstwens geweest kunnen zijn. Zo op de laatste dag van het kalenderjaar en bij het intreden van een nieuw kalenderjaar, 2017 krijgt dit kindje als naam, heeft dit citeren ook iets treffend:

“Het hoogste geheim van de mensheid is de geboorte van God in de mens en het hoogste geheim van de godheid is de geboorte van de mens in God.

In Christus wordt God een gelaat en op zijn beurt ontdekt de wereld zijn eigen gelaat.”

Dit zijn woorden van een Russische godsdienstfilosoof, Nikolaj Berdjajev (1874-1948)… Wat kan ik u anders toewensen dan: de ogen van Christus die je aankijken? Zo heeft Moeder Maria die ogen  als eerste gezien, tezamen met de goede heilige Jozef, en kan zij ons begeleiden op onze verdere levensloop –  een dag met een keer, als stapstenen om op te staan, naar de Weg vanwege de Weg zelf, die in Waarheid zijn Leven als ons Leven deelachtig laat maken.

En dat niet vanuit de hemel zo, maar vanuit ons eigen aardse mens-zijn, dat zo vergoddelijkt wordt… Als gelovige mensen hebben wij geen “menselijk leven met daar bovenop een geestelijk leven”, maar één menselijk leven dat met genade en overgave, “geestelijk leven”, ja vergoddelijkt leven is. Zo eenvoudig, zo diep, zo allesomvattend is het…

Wij mensen leren onszelf pas kennen door Hem te ontdekken, door zelf medemens te mogen  zijn, in het gelaat van medemensen ontdekkend wat het betekent: om mens te zijn… En dan ontdekken wij hoe in ons diepste hart, als een Kerstgrot schuilt: een verlangen, een nood, dat Christus alleen vervullen kan – en bezig te vervullen is.

Jezus Christus, een Kind, een Volwassene. De vrede van Kerstmis ging niet zonder de wrede kindermoord in opdracht van een aardse koning, Herodes. Zo mogen wij geloven dat het diepe lijden en de morele onmacht van Goede Vrijdag er niet is zonder de vrede van Pasen… De heilige Augustinus omschreef vrede als “pax tranquillitas ordinis”, een  rustige doch diepe harmonie van alle gesteltenissen en toestanden, binnen ons en rondom ons en ver van ons…

Toon ons uw gelaat, Heer, en wij zullen gered worden… Deze ingetogen zielenkreet van de psalmist werd verhoord – mocht zij verhoord blijven, in een steeds dieper gehoord Woord van ongrijpbare doch vervullende liefde, tot het eeuwig Kersten zal in de hemel.

Heilige Maria, bid voor ons de ogen, het Hart, het wezen  van uw Zoon en onze Heer en Broeder.

Een zalig nieuw jaar, vol gezegende Ogen-blikken, die ook alle levenspijn verzachten mag in stille liefdesjubel.

Dank u wel.